Opa vertelt Louis over de vestingwerken van Maastricht

Buitenvestingwerken




Bij Louis thuis kwam een auto voorrijden. Het was Opa die hem ging ophalen om een ritje te maken langs de buitenvestingwerken. Opa toeterde en Louis kwam naar buiten gerend met regenjas, want het regende weer eens behoorlijk. 'Zo Opa, wat staat vandaag op het programma' vroeg Louis nadat ze elkaar goede dag hadden gewenst. Opa: 'toen rond 1550 het kruit steeds meer werd gebruikt om mee te schieten waren de muren zoals ze er toen bij lagen, niet meer voldoende stevig om de stad te beschermen. De “IJzeren stad” werd Maastricht vroeger genoemd omdat ze bijna niet te veroveren was. En die naam moest hoog gehouden worden. Vandaar dat er buiten de stadsmuren verdedigingswerken werden aangelegd. Dat is niet in een keer gebeurd. Ze werden steeds meer uitgebreid en verbeterd. Met name als de vijand weer een zwakkere plek had weten te vinden. Op de meeste plekken zie je niets meer van de verdedigingswerken terug. Op sommige plekken is er nog wel iets van te vinden en die gaan we bekijken. Zowel waar niets meer van  te zien is als opgeknapte vestingwerken.' 'Aha,' zei Louis.

Ze kwamen in de buurt van het Gouvernement. Opa zei  'ongeveer op de plek waar nu het Gouvernement staat, tot 1975 Bastion Randwijck heeft gestaan. Hier in de Maas had je toen een eiland dat oorspronkelijk tot het grondgebied van Sint Pieter behoorde. Tussen eiland en vaste wal had je een Maasarm, papenwater genaamd.  In 1677 hebben de Fransen hier een redoute ofwel schans gebouwd. Je moet je dit voorstellen als een eenvoudig recht bouwwerk. Men vond dit nodig om aan de overkant de Pieterspoort en het gebied daarvoor te beschermen. In 1742 is er het bastion gekomen ter verbetering. Het werd een vijfhoekig gebouw met aan beiden kanten een verblijfs- en kruitruimte. In de muur aan de maaskant kwam de naamsteen. Het was een vrijstaand bouwwerk dat in de winter door het water niet of moeilijk bereikbaar was. Daarom is het ook wel eens Fort Randwijck genoemd. Toen in 1867 Maastricht als vesting werd opgeheven is het niet direct afgebroken. Eind vijftiger jaren kwam het ter sprake om het af te breken. In 1975 is alles mooi opgemeten en zijn er foto´s gemaakt. Hierna is het uiteindelijk toch afgebroken. De naamsteen is bewaard gebleven en ligt momenteel in het Gouvernement zelf, het huidige gebouw op die plek.'

Ze reden onder de Kennedybrug door en zagen het Bonnefantenmuseum links aan de overkant liggen. Op de plek van het museum stond zo ongeveer een vestingwerk, Bastion De Rooy. Het is afgebroken toen hier een fabriek werd gebouwd, de Céramique.

De auto ging de zogenaamde krul van de Kennedybrug op. Opa vertelde verder. 'Achter de Wilhelminabrug, dus de brug achter de voetgangersbrug en oude brug had je een eiland, het Sint Antoniuseiland. Dit eiland midden in de Maas werd in 1748 versterkt met enkele vestingwerken. 1753 Werd aldaar Bastion Aylva aangelegd. In 1895 werd het eiland wegens een reconstructie van de maasbedding min of meer toegevoegd aan de huidige Griend.'

'En hier,' ze waren net de Maas over, 'in het Stadspark is Lunet Sint Pieter geweest. In de buurt van het Maaspaviljoen zijn bij de bouw daarvan resten gevonden. Een lunet is een eenvoudig bouwwerk met de twee zijkanten in v-vorm. In het midden aan de achterkant is slechts op een eenvoudige manier beveiligd. Dit is gebouwd in de periode 1770-1772. Dit werd niet alleen gebouwd ter verdediging van de stadsmuur maar ook voor het waterbeheer in dit gebied. Ook hier werd namelijk water als barrière gebruikt.' Ze kwamen aan bij het politiebureau waar ze even moesten wachten op het rode verkeerslicht. 'Wacht u hier nu omdat het licht op rood staat of omdat we bij het politiebureau staan' vroeg Louis. 'De werkelijke reden is dat hier fotoapparaten staan' zei Opa en sprak er meteen achteraan: 'Nee, tuurlijk niet, voor rood moet je wachten, en daarom wacht ik. Hoe durf je te vragen.' Opa zei dit met boze ogen maar met een lachende mond en ging weer verder met vertellen.

'Rechts heb je de Tapijnkazerne en links een groot oefenterrein van die kazerne. Ook deze plekken behoorden tot de verdedigingslinie van de stad. Die terreinen waren toen en zijn nu nog steeds in eigendom van defensie. Vandaar dat juist op die plek een kazerne staat. Voordat deze kazerne gebouwd werd is er sprake geweest om op de plek van de Hoge Fronten de kazerne te bouwen. De Hoge Fronten zouden dan zijn afgebroken. Gelukkig hebben ze dat niet gedaan en is de kazerne hier terecht gekomen. '

Ondertussen was het licht weer groen geworden en reden ze langs de Tapijnkazerne. 'Kijk,' begon Opa weer, 'achter de kazerne stroomt de Jeker. En daarachter heb je het Aldenhofpark. Op die plek heeft Bastion Wilhelmina gestaan. De bakstenen wand aan zijkant van de Jeker is een zijkant van dit bastion geweest dat in de jaren 1768-1769 gebouwd is. Naar alle waarschijnlijkheid ligt dit bastion grotendeels onder de grond waar nu het Stadspark is. Het vroegere verblijf van de beren had haar nachtverblijf in een kazemat. Toen het nieuwe verblijf gebouwd werd is deze kazemat afgedekt.'

Ze naderden het Tongerseplein. Even wachten voordat Opa het plein kon oprijden. Toen hij op de rotonde was, bleef hij daar maar rondjes rijden. Dit was voor Opa weer zo´n gelegenheid dat hij kon blijven vertellen.

'Hier links, rechts, links, rechts,' ze bleven maar rondjes rijden, 'nou waar nu dat groene parkje is, was vroeger een verschansing. In het beleg van 1673 is op deze plek een hevige strijd geweest en uiteindelijk heeft hier vlakbij, bij de Tongersepoort, de doorbraak in de stadsmuur plaats gevonden. Op de plek hier heeft naar waarschijnlijkheid ook d´Artagnan, de vierde van de drie musketiers, zijn laatste adem uitgeblazen. Daniel Wolff baron van Dorff bedacht zich dat het wel eens een goed plan zou zijn om hier en meer westelijk enkele bastions te bouwen. Bastion Waldeck kwam op deze plek. Dat was in 1690. Hier staat ook een van de drie beelden van d´Artagnan. Beeldje moet ik zeggen want het is slechts enkele decimeters hoog.'

Via de Tongerseweg verliet Opa de rotonde. Het was weer even wennen om bij Opa in de auto te zitten en rechtdoor te rijden. De eerste straat ging hij alweer rechts in. 'Wat is dat kanon daar aan de overkant' vroeg Louis. 'Daar op de hoek,' vroeg Opa. 'Ja,' antwoordde Louis.'Daar heeft lunet Drenthe gelegen. Er zijn nog enkele resten van te zien. Door het kanon wat erin staat herken je tenminste dat het op een vestingwerk gaat.'

Ze waren op het Minster Goumons Borgesiusplantsoen aangekomen. Normaal rijden de mensen over de grote weg verder, maar Opa moest weer het plantsoentje rondrijden, voor de kleine huisjes langs. Opa begon weer: 'Aan beide zijden van het binnenpleintje heb je trappen naar beneden en die gaan rechtstreeks naar de Kazematten. En wat zijn kazematten zul jij weer vragen.' Hierop zei Louis: 'wat zijn kazematten'. 'Goede vraag,' zei Opa weer en ging verder. 'Kazematten waren in de tijd toen dit gebruikt werd een bomvrije ruimte. Hier in Maastricht heeft dit ook een andere betekenis en wel het gangenstelsel onder de Hoge Fronten.'

Opa begon weer te rijden, en ging via de Ambachtsweg naar het Volksplein. Hij vertelde verder. 'Ik vertelde je net over het Waldeckbastion. Dat is het zuidelijkste punt van de Hoge Fronten. Die Hoge Fronten gaan verder tot de Cabergerweg. Daar komen we dadelijk ook nog. En in dat hele gebied daar tussenin, waar we nu dus over heen rijden, is onder de grond een heel groot gangenstelsel van wel 10 kilometer lang. Bovengronds had je in dit gebied de vestingwerken zoals we net zagen bij het Waldeckbastion. Begin 1900 is deze wijk het Blauwdorp gebouwd. Bovengronds is toen alles afgebroken maar de gangen onderin bestaan nog steeds. Hier en daar hebben ze met bouwen de onderliggende gangen beschadigd. Maar die zijn later hersteld geworden. Waar we net bij dat Borgesiusplantsoen waren heb je een uitgang. Het Waldeckbastion staat hier ook mee in verbinding  en in de Aert van Trichtweg is ook een uitgang. Van buiten ziet dit net uit als een elektriciteitshuisje. Als je daar de deur open doet heb je een trap van enkele meters naar beneden en kom je in het gangenstelsel uit.'

'Opa,' vroeg Louis op een wel erg vragende manier, 'kunnen we daar ook eens onder de grond gaan wandelen?'  'Dat gaat wel erg lang duren' was het antwoord van Opa. 'Is een stukje wandelen onder de grond ook goed voor meneer' was de tegenvraag van Opa. 'Natuurlijk Opa' reageerde Louis  snel terug. 'Dan gaan we eens naar de Linie van Du Moulin. En wat dat is vertel ik je zo want ik moet nu even goed op het verkeer letten.'

Ondertussen waren ze via het Volksplein op de Annalaan aangekomen. Daar gingen ze rechts tot het Emmaplein, twee kwart en daar de Statensingel op. 'Opa verbrak de stilte: 'Achter die huizen aan de linkerkant van de Statensingel heb je nog steeds de Hoge Fronten, de Linie van Du Moulin. De vestingwerken zijn daar nog steeds aanwezig en zijn een twintigtal jaren geleden zelfs opgeknapt. We gaan daar dus een andere keer kijken. '

Inmiddels waren ze aangekomen bij de verkeerslichten onder aan de Statensingel en Opa stopte voor het rode licht. 'Zie je wel dat ik ook stop als er geen politiebureau in de buurt is en geen flitsapparaten,' zei Opa. Louis zei: 'ik zeg maar niets.' Er stonden immers dit keer enkele auto´s voor Opa zijn auto.

'Hier links is de overgang tussen de Hoge Fronten en Lage Fronten. Bij de Lage Fronten wordt er gebruik gemaakt van water, zeg maar sloten voor de muren, en bij Hoge Fronten doen ze dat zonder water. Dat zeg ik je nog wel eens als we naar de Linie van Du Moulin gaan.' Het licht sprong weer op groen en Opa ging  rechts naar de Noorderbrug.

Ongevraagd vertelde Opa verder: 'links zijn de Lage Fronten ofwel de Bossche Fronten. Ze beginnen naast de Linie van Du Moulin met bastion A. De bastions hebben hier geen mooie namen maar worden aangeduid met een eenvoudige letter. Als je de Cabergerweg in rijdt en naar rechts gaat, voor de Radium, ga je de Lage Fronten op. Hier rechts  vooraan is een wandelweg die naar beneden gaat. Dit is het gebied aan de linkerkant  waar we hier langs rijden om de Noorderbrug op te gaan. Je ziet beneden een kanaal met vele muren die deel uitmaken van die Bossche Fronten. Hier en daar zijn ook nog bastions bespaard gebleven. De lunetten hadden wel een naam. Burmania was er een van. De naamsteen daarvan ligt sinds 1961 onder aan de trappen van het filtergebouw van de papierfabriek. Tussen 1816 en 1820 zijn hier de laatste grote verbeteringen aan de buitenvestingwerken gebouwd.  Hopelijk worden de ondertussen onderkomen werken opgeknapt als ze de nieuwe wijk Belvedère gaan bouwen.' Ondertussen reden ze ter hoogte van de Boschstraat. 'Hier beneden heb je ook een kanaal met aan de zijkanten delen van die overgebleven werken. Op het gebied van Sappi, de papierfabriek hebben dus ook de verdedigingswerken gestaan tot aan de Maas' vertelde Opa.

Ondertussen reden ze alweer over de Noorderbrug. 'Hier rechts is dus een eiland geweest in de Maas' zei Louis op een vragende manier. 'Dat klopt' zei Opa. 'En omdat Wijck niet tot hier reikte, zouden ze hier vanaf de overkant zo min of meer toegang hebben tot de stad. En om dit te voorkomen hebben ze op dat eiland enkele verdedigingswerken gebouwd.'

Inmiddels waren ze weer aangekomen bij Louis thuis. Het regende nog steeds. 'Opa, bedankt en tot een volgende keer' riep Louis en weg rende hij naar binnen.


Rebo©2004



Klik hier voor volgend verhaal en hier om terug te keren naar 'Opa vertelt over de vestingwerken van Maastricht'