Stam Urtyp in het jaar 2017


Carnaval: Rijaloet toet toet IV

Per toeval kwam er een stevige platte kar ter beschikking. Wat zouden we daar nu mee kunnen doen. De Aondagstrekker en Cirremoniemeister hadden het plan opgevat om er een tunnel van te maken, naar aanleiding van de zojuist opengestelde Willem Alexandertunnel. Daarna kwam het plan om het ‘Rijaloetpeurtje’ op de kar te zetten en loopplanken te maken. Dat idee werd op zonder al te veel discussie goedgekeurd. De Beergouverneur zorgde ervoor dat Keerlke en het poortje via een mooie route naar Maastricht kwam. Ontspannen werd er een datum gepland om het te klussen.  Ruim voor Carnaval was al een eerste kluszaterdag gevonden gevolgd door een kluszondag. En zie: het poortje stond op de kar en de loopplanken waren klaar. Weekenden zonder dat het nodig was aan de voorbereidingen te helpen gingen voorbij. De zaterdag voor Carnaval is de traditionele opbouwdag. Er werd een mooie rand rond de kar gedrapeerd en een mooi groen grastapijtje op de kar gelegd. Keerlke werd weer gepoetst en, ingeruimd. Proefstarten van het aggregaat, die ging in één keer aan. Ruim voor de stress ook maar kon toeslaan was alles klaar voor de carnaval. Carnaval 2017 kon beginnen.


Carnavalszondag werd er verzameld bij de Aondagstrekker thuis. Ontspannen werd gekeken naar een uitgebreide fotoreportage over de afgelopen 25 jaren van de Stam. Daarna werd, na wat geschminck, alles de straat opgeduwd voor de traditionele startfoto. Nadat dit moment was vastgelegd werd de wandelroute naar de stad ingezet. Het Stationsplein was opengebroken wegens de bouw van de ondergrondse fietsenstalling en daarom werd er langs de tunnel gelopen om via de Hoogbrugstraat de Lage Barakken in te gaan.


Er was aangekondigd dat er geen glas gebruikt mocht worden tijdens de Carnaval. Karretjes mochten zelfs ook geen bierflesjes meer hebben. Echter, alle Tempeleers en ‘optochttrekkers’ werden met een echte glazen bier gezien. Carnavalsdinsdag werd door de Stam een politieauto op de Servaasbrug doorgelaten waarbij de bierflessen zichtbaar in de hand werden gehouden. De politie reed langs met opgestoken duim. Heel ontspannen allemaal. Alleen toen we na de optocht voor het verzamelpunt van politie, handhavers en beveiligers een flesje bier openmaakte werden we er op aangesproken. Achteraf gezien was dat ook wel provocerende actie.


Het wachten in de rij voor de optocht werkelijk begon vloog in zo’n anderhalf uur voorbij. Saai was het niet te noemen. Er was van alles te zien en beleven, iedereen sprak met elkaar. Vooral niets serieus nemen. Ook niet als de weg wordt afgesloten of een medaille aan een handtas wordt uitgereikt. Polonaise door op een kar te klimmen, en dan over losse loopplaken te lopen is niet echt aantrekkelijk te noemen. Polonaise werd er dan ook nauwelijks gelopen, laat staan onder het poortje door. Daarmee stelt het lopen in de optocht niet veel voor, het is alleen de makkelijkste weg om de stad in te lopen. Al staat deze route niet niet altijd garant voor een snelle doorloop. Met name vanaf de Markt ging het steeds langzamer. Ieder wil natuurlijk de aandacht van de Stadsprins. Ziesjoem had de Stam ondertussen ook weer gevonden en liepen vanaf de Markt met de Stam mee. Het begon al een beetje donker te worden. Het zal rond zes uur zijn geweest dat de Stam op het Vrijthof bij Prins Jerome I aankwam. De loopplanken werden op deze plek wel uitgelegd.

En ja hoor, de Stam-Cirremoniemeister wist hem, en zijn gezelschap, te verleiden in polonaise onder het poortje door te lopen. En al wilde de trekkers de Stam snel verder laten lopen, Tempeleer Jan Janssen wilde nog eens een keer over de kar. TV Maastricht liet het uitgebreid zien in tegenstelling tot het Ziesjoemgezelschap. Hierna was de optocht afgelopen en werd een weg gezocht tussen de menigte voor cafe de Perreon door om op het Vrijthof uit te komen. Daar werd een uitgebreide pauze gehouden. Ondertussen was het echt donker geworden en verplaatste de Stam plus het poortje plus Keerlke naar de Grote Staat, net voor de Spilstraat. Daar werden de planken uitgelegd en bleven ze liggen tot het einde van de avond.

Was er enige vrees dat de het naar boven lopen en weer naar beneden een te groot obstakel te zijn, het tegendeel is waar. Vanaf de planken er lagen kwam er een stroom van mensen die graag de kar op wilde lopen, onder het poortje door. En dat tot het moment dat de planken weer ingeladen werden. Hoewel de Stam vrijwel elk jaar hetzelfde doet, zijn de reacties per jaar vaak verschillend. Dit jaar werd de muziek bijzonder gewaardeerd. “Mogen we weer volgend jaar weer voor jullie in de optocht lopen”. Mensen bleven soms lange tijd aan de kant staan kijken hoe de andere mensen over de kar liepen. Geweldig vonden ze het, schitterend, prachtig, te gek, fantastisch, great. Vele ‘dank je wels’ dat dit gedaan werd zoals het gedaan werd. Bijzonder dit jaar was ook dat vrijwel alle te bedenken categorieën mensen onder het poortje door gingen: oude mensen, semi’s, jongeren, kinderen, baby’s; Maastrichtenaren, Nederlander en vele buitenlanders; einzelgängers, duo’s, kleine en grote gezelschappen; karretjes, fietsen, koffers; en rollende bouwwerkjes; te voet voor of achteruit, kruipend, liggend, springend en vooral polonaiserend. De een nog enthousiaster dan de ander. Hele taferelen die zich op de kar afspeelde van mensen die elkaar troffen en altijd wel iets gebeurde.

De tweede dag werd dinsdagavond. Het rollend materieel werd naar buiten gereden en wederom op weg naar de stad geduwd. De vaste ‘stopplek’ op de Servaasbrug was deze rit niet op het bewegend deel maar een stukje verder, precies op de helft van het vaste deel. De planken werden uitgelegd en werd ruimte vrij gehouden voor de fietsers, die dikwijls niets met Carnaval te maken hadden, maar toch met een geamuseerd gezicht langs reden. Ook op de brug weer heel wat mensen die op weg naar huis nog even heuveltje op – poortje onderdoor– heuveltje af wilde. Ook werd er weer met wildvreemde mensen gewalst. Er werden zelfs nog erespelden uitgereikt. Vervolgens naar de vaste plek in de Grote Staat waar het poortje weer het middelpunt van de belangstelling stond. Toen tegen twaalven de muziekgezelschappen richting het Vrijthof gingen werden de loopplanken veelvuldig gebruikt, blazend en trommelend. Vrij laat kwamen de stam op het Vrijthof aan. Beppie was bezig haar laatste liedje te zingen. We stonden aan de buitenkant, maar vanaf de kar een prima zicht. De plechtigheden voor het einde van de carnaval werden gepleegd. Het lijkt er trouwens wel op dat het steeds minder plechtig wordt. Het Mooswief kwam naar beneden, de Prins verliet het Vrijthof onder grote belangstelling. De Stam dronk nog een laatste Brandje en de hapjes die er nog waren. De terugrit naar Scharn werd ingezet. Lijkt wel of de terugweg een stuk langer is als de heenweg. Keerlke en het poortje werden de ochtend na de Carnaval al  geheel ontmanteld en op hun nieuwe plek gezet, in afwachting van een nieuw jaar.

 

Zonder de andere jaren niet te willen onderwaarderen, was het dit jaar een van de fijnere jaren: een zeer ontspannen Carnaval. Niets vervelends mee gemaakt, alleen leuke mensen en leuke situaties. We kunnen ontspannen uitkijken naar het volgend jaar.


Weekend Vlotkamperen

Onze Ceremoniemeister was ooit de traditie begonnen om rondom zijn verjaardag een stamweekend te organiseren.  Er waren al een aantal dataplanningen gepasseerd evenals enkele suggesties om te doen. Om met een kampeervlot op de Maas te varen werd enthousiast ontvangen. Tijdens het eerste weekend van juni hadden de Ritseleer en Beergouverneur andere bezigheden te doen. De Ceremoniemeister was als eerste op de locatie in Ophoven, gemeente Kinrooi om de formaliteiten te regelen. Bij het inladen van de bagage kwam de Kretser er bij. De andere twee zouden pas later komen en  daarom gingen de aanwezigen alvast een proefrondje varen. Toen de Aondagstrekker en Duitedeef aan waren gekomen kon het pas echt beginnen. Het vlot ging wederom van wal af en werd van binnen verkend.

Het vlot was een geweldige verschijning. Een traditie was nu al weer geboren. De route werd doorgenomen. Op het moment dat de eerste flesjes Brandsflesjes op de tafel verschenen was de stuurman direct afgeleid want het vlot liep al vast op de bodem door dat er tekort aan de kant werd gevaren. Het water werd betreden en met duwbewegingen kwam het vlot weer in beweging, met iemand anders aan het stuurwiel. De route ging over de Maas en Maasplassen naar het plaatsje Brand waar een t aan was toegevoegd. Een mooie locatie. Om met de barbecue geen brandvlekken op de tafle van het vlot te maken werd aan de wal aangelegd. Op het mooie strantje werden de banken en tafel uit het vlot geplaatst en de bbq, die de Cirremoniemeister van zijn dochters had gekregen, aangemaakt. Even later kon er gegeten worden.

Een heerlijke warme zomeravond was het met een schitterende dalende zon. Er werd nog even in het water gezwommen dat ook een fijne temperatuur had. Hierna was het tijd geworden om met het vlot van wal te steken om in het midden van het water de ankers tot de bodem te laten zakken. Aan talen tafel werd geprobeerd verlichting aan te maken. Het stormlampje wilde niet echt branden en het electrisch licht was er ook niet. Wel kaarssen, en die dede het wel prima voor de rest van de avond cq nacht. Wat wel geregeld vervangen werd waren de bierflesjes. Er werd stevig doorverteld. Vanaf de wal werd door talloze diertjes mee verteld, alleen allemaal door elkaar. Wat een herrie zeg. Zo af en toe was er ook contact met de stamleden die er niet fysiek bij waren. Het slaapmoment kwam in zicht. De bedden werden in orde gemaakt. De Aongstrekker ging buiten op het dek liggen, todat 's nachts het iets te lang bleef regenen.

De ochtendzon deed al een tijdje haar best alvorens de diep in slaapzijnde stamleden wakker te krijgen. Heel langzaam aan kwam er beweging op het vlot. Het was er krap, met lamgs elkaar heemschuiven lukte het om de ontbijttafel te dekken. Bij afwezigheid van onze meester spek & ei -bakker was het nu de Aondagstrekker die deze taak prima wist over te nemen. Ontbijten met de Stam is altijd een hoogtepunt. Maar de eindtijd kwam in zicht en de terugvaart moest in gang gezet worden. Tijdens de terugvaart werd er afgewassen en opgeruimd. Ook werd er nog even getankt om daarna het vlot dat de Stam weer een pracht weekend had bezorgd, aan wal in de haven aan te meren. Na nog even op de bank op de wal naverteld te hebben, was het dan toch echt weer voorbij. Een pracht weekend, mede door het weer.


Preuvenemint

Nooit eerder wist de Stam zich binnen twee minuten te verzamelen. De Aondagstrekker en Kretser fietste de Stationsstraat  in. Daar liep net de Cirremoniemeister en toen het drietal bij elkaar stond elkaar te verwelkomen kwam de Duitedeef aanfietsen. Aangezien de Beergouverneur en Ritseleer verhinderd waren was hiermee binnen extreem korte tijd de Stam verzameld. De fietsen werden in Wijck gestald en te voet verder gelopen naar de stad. Bij de Karkol kon de Stam zo binnenlopen, het was er bijna leeg. De Stamtisch stond bij uitzondering ook ter beschikking maar er werd toch gekozen voor het achterterras. De buitentafel was al snel van drank voorzien. De nieuwtjes onder de stamleden werden uitgewisseld. Al na het eerste rondje werd de route naar het Preuvenemint ingezet. Preuvenelappen hoefde niet meer gekocht te worden, dit ging met de Preuvenecard en werd via een app van lappen voorzien. Traditioneel rechts om naar de speciaal Brandsbierenstand. Het was heerlijk zomers weer, niet te koud of te warm, gewoon perfect. De drukte was dan ook navenant, niet te weinig of te veel, gewoon perfect. Tussen de mensen doorgeschoven te zijn, kwam men bij de Struys, de plek waar speciaal bier van Brand te krijgen is. Het kelkglas Imperator werd gedronken op de Ritseleer en Aondagstrekker. Hierna was het tijd voor het eetrondje. Het broodje Hawaï bestond nog steeds maar was inmiddels zo klein geworden dat het niet meer te aanschouwen was. Langs het podium, de kiosk was vervangen door een echt podium. De decibelmeter hadden we niet bij ons, maar het leek er wel op dat het geluid harder stond dan andere jaren. Tussen de mensen door ‘gesjraveld’ te hebben was het weer bij de trapjes voor de Servaas weer meer ruimte tussen de mensen. Saté werd er geroepen. Bij de Indische variant was het aantal lappen aan de hoge kant, bij de Thaise variant was het aantal gelijk. Aangezien de Stam voor de Thai stond, werd daar besteld, twee gingen voor de saté en twee voor de loempia’s.  De presentatie was een plastic wegwerpbakje dat in een Belgische frietkot langs een verlaten weg eerder zou verwachten. Het smaakte overigens wel prima. Weer terug naar de speciaalbieren voor een fruitig Saison. De eindtijd kwam, weliswaar op afstand, in zicht. Nog ergens iets eten. Weer langs het podium waar Beppie op stond. Ze wist het publiek toch maar weer aan het 'dreijje' te krijgen. Het was er gezellig en bleven langer staan dan gepland waardoor er eigenlijk geen tijd meer was voor het hapje. Het werd een gewoon pils waarmee de avond werd afgesloten.  Dit jaar viel het op dat dat er veel twintigers en dertigers waren die gezien wilde worden. De Stam wil het Preuvenemint volgend jaar ook weer zien als ze voor de 25ste keer als Stam naar het Preuvenemint gaan. Dreijje!


Winterpreuve

Er waren nog wat ideetjes om voor een overnachting bij elkaar te komen. De locatie bij onze Aondagstrekker was het makkelijkst en voor stambergippen ging het plannen van een datum redelijk vlot. Met een warm vuur werden de stamleden onthaalt. Aanvangstijd was 18:00u, dat lukte iets minder. Maar om 21:00u was de Stam compleet. Op de benedenverdieping had de stam een slaapruimte ter beschikking, een toilet, een ruimte met keukenblok en een zitkamer waar de verwarming al geruime tijd stond te snorren. Toen de eerste verwelkomstwoorden onderling waren uitgewisseld werd er begonnen met het klaarmaken van de gourmettafel. De Cirremoniemeister had nog enkele vleespakketjes in de vriezer liggen en werden ter beschikking gesteld. Er kon begonnen worden. Genoeg was er in ieder geval. Het is altijd een afweging tussen aandacht hebben voor hetgeen op de tafel staat en voor elkaar. Naarmate de eerste honger gestild was kwam er steeds meer aandacht voor elkaar. Naarmate de avond vorderde, zakte het tempo en werd iedereen rustiger. De Ritseleer had gezorgd voor glühwein en ging als eerste naar binnen. Daarna het bierdrinken, in variatie van licht en zwaar, ging echter drinken onverminderd verder. Echt aandacht toen het Sylvester kwam was er dan ook niet. Géén jaarkeuring of extra aandacht voor de afdronk. De Beergouverneur was jarig geweest en tracteerde nog op Verboden Vruchten. Buiten op de binnenplaats werden nog enkele uurtjes doorgebracht waarna de een na de ander zijn slaapzak opzocht.

De volgende ochtend had de Beergouverneur verplichtingen en vertrok al vrij vroeg. Tussen de rennende kinderen boven en de slaapruimte beneden was, zo te horen, een houten vloer. Toch kreeg een wekker de gelegenheid zich te laten horen. Ieder achter elkaar stond op en verdween ergens in de boerderij. Het was dan ook even zoeken voordat de Stam weer compleet was. Het ontbijt werd klaar gemaakt waarbij de eibakkunsten van onze Ritseleer wel tot een van de vaste stamtradities behoort. In het tempo waarmee de avond eindigde ging het ontbijt verder. Met het breken van de rugleuning van de stoel trok de Aondagstrekker toch echt weer even  de aandacht, maar daarna ging alles weer rustig verder. Vorig jaar bestond de Stam 25 jaar en voor die gelegenheid had de Krètser alle verhalen van de stamsite gebundeld tot een heus boekje dat gepresenteerd werd. Een ieder wilde er zelf ook wel een exemplaar van. De Krètser kreeg ook nog een alleraardigst presentje, een mooi lijstje met daarin een foto van een ouderwetse koelkast van een merk dat bij de Krètser in ieder geval bekend was. Het werd allemaal erg op prijs gesteld. Na het onbijt werd er gewandeld richting Bemelen, samen met de hond Soof. Het was een mooie afsluiting van weer een geweldig gespreksvol weekend. Het is weer verheugen op 2018 om meer van dit soort momenten te beleven.




 

Naar; vorig jaar  / volgend jaar / home